Ik zal over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem uitgieten de geest van genade en van gebed (Zacharia 12:10a NBG).

Een ‘geest’ van genade en gebed om genade

Deze bekende tekst slaat in eerste instantie op het geestelijke herstel van Israël, wanneer Israël Messiah Jezus in de armen zal sluiten. Maar deze tekst toont tegelijkertijd een algemeen geestelijk principe: Het uitstorten van Gods genade, of gunst, is onlosmakelijk verbonden met intensief gebed om genade of gunst. Genade en gebed om genade worden letterlijk in één adem genoemd. Het feit dat hier wordt gesproken van een ‘geest’ van genade en gebed toont dat het gaat om een werking van de Heilige Geest (de NBV vertaalt dit vers onzorgvuldig). Als de Heilige Geest een ‘geest’ van genade uitstort, stort Hij dus tegelijkertijd een ‘geest’, een zalving, uit om intensief voor deze genade te bidden. Door  deze zalving van gebed om genade gebruikt de Heilige Geest ons dus als partners om Gods genade ook daadwerkelijk door te laten breken.

Een nieuwe passie en zalving van gebed

Wij hebben in het vorige woord van de maand al gesteld dat God in deze tijd een nieuwe geestelijke doorbraak wil geven in ons land. Op basis van de genoemde tekst in Zacharia mogen wij er dus op vertrouwen dat de Heilige Geest tegelijkertijd een nieuwe zalving en passie voor gebed wil aanwakkeren. Met deze nieuwe zalving en passie voor gebed kunnen wij deze nieuwe doorbraak in Zijn kracht ‘tot aanzijn’ bidden. Wij mogen vrijmoedig en met verwachting voor deze nieuwe zalving bidden (Lukas 11:13). Wij mogen verder bidden dat deze zalving niet beperkt blijft tot een kleine groep, maar zich krachtig onder alle gelovigen verspreidt. De term uitstorting die in Zacharia wordt gebruikt is dezelfde term al die in Joël wordt gebruikt voor de uitstorting voor de Heilige Geest op de pinksterdag. Dit houdt in dat deze ‘geest van gebed’ bedoeld is voor ons allemaal, jong en oud!

Een lopend vuurtje

Tijdens een recente bijeenkomst van onze gebedsgroep kregen diverse deelnemers beelden van deze verspreiding van de ‘geest van gebed’. Wij zagen op allerlei plaatsen vuurtjes van gebed ontspringen. Sommige van deze vuurtjes die dreigden te doven, werden weer actief aangewakkerd, en in de juiste richting gestuwd. Daardoor konden deze vuurtjes zich samenvoegen tot één groot vuur over Nederland, dat de vorm had van het kruis. Aanbidding die gericht is op de grootheid en heiligheid van God vormt een belangrijk instrument van het aanwakkeren van dit vuur.

Een nieuw elan en nieuwe initiatieven

Deze nieuwe zalving van gebed houdt onder meer in dat Hij ons wil inspireren om ‘nieuwe vuren’ van gebed en aanbidding te ontsteken. In andere gevallen betekent dit dat Hij oude gebedsinitiatieven die op sterven na dood waren, weer tot leven wil brengen. En als ons gebedsleven of bijeenkomsten plichtmatig en routinematig zijn geworden, wil Hij ons met Zijn nieuwe zalving leren hoe wij wel vanuit Zijn vuur en leiding kunnen bidden. En wij hoeven nu niet meer krampachtig onze medegelovigen die gebed ‘maar saai vinden’ tot gebed op te roepen. Wij mogen nu met vertrouwen bidden dat de Heilige Geest Zelf deze gelovigen gaat aansteken met Zijn vuur en passie voor gebed!